Select Page

Sedra van Ruijven (19) vertelt over haar passie voor dans en hoe dans heeft geholpen met haar frustraties over identiteit.

Photo: Sydney Joan

Als kind

Ik ben geboren en opgegroeid in Den Haag, daar woon ik nu nog steeds. Ik was een druk en bewegend kind. Ik stond nooit echt stil bij het feit dat ik een jongen was. Ik uitte me altijd al wel vrouwelijk. Ik omringde mij altijd met meiden, ik kon me met hun meer relateren. Mijn ouders waren gelukkig met mij altijd heel vrij. Ze lieten mij mezelf uiten hoe ik mezelf wilde uiten. 

 

Photo: Sedra van Ruijven

 

‘Nu gebeuren er dingen die ik niet wil’ 

 

In groep zeven, toen ik elf jaar was, kwam ik uit de kast: ik viel op mannen. Ik zou zeggen dat dat wel als een eerste echte struggle voelde. Ik werd natuurlijk als jongen gezien, hoewel ik daar zelf helemaal niet zo bezig mee was. De eerste en tweede klas van de middelbare school vond ik een moeilijke tijd. In de tweede klas kwam Corona en kreeg ik tegelijkertijd ook een identiteitscrisis. De puberteit kwam op gang. Ik kreeg langzaam de baard in de keel, spieren begonnen te groeien. Dat voelde niet juist. Ik dacht toen: nu gebeuren er dingen die ik niet wil. Toen viel ook pas het kwartje: ik ben trans. De wachtrij voor mannelijke hormoonremmers was 3,5 jaar. Ik moest dus door de mannelijke puberteit heen.

 

TRANSformeren 

Ik was nooit bewust van genderverschillen. Ik zag mezelf altijd gewoon als Sedra. Toen ik het mijn ouders vertelden, was dat voor hun ook even wennen. Alsof het voor hun nu echt ‘werkelijkheid’ was. De stempel ‘transgender’ kwam bij hun wel even binnen. Dat was wel even een zware periode, het was een soort strijd in mezelf. Ik begon eerst binnenshuis met het ‘transformeren’. Ik begon thuis bh’s en andere vrouwelijke kleren te dragen. Snel begon ik dat ook buitenshuis te doen. Ik wilde aan de buitenwereld laten zien wie ik was. Ik wilde gewoon mezelf zijn. Ik was toen een jaar of dertien/veertien.

Vanaf mijn derde jaar van de middelbare school ging ik dan officieel als vrouw naar school. Bij gym deed ik mee met de meiden en kleedde ik me ook om in de meidenkleedkamers. Ik voelde me altijd gesteund door mijn vriendinnen. Ik werd nooit echt gepest, maar er waren wel opmerkingen en blikken. Ik weet nog dat ik dan tijdens koor weleens vies werd aangekeken door een paar jongens, omdat ik bij hun bij de baspartij zat, omdat ik mij dan wel verkleedde als vrouw. Dat voelde op een bepaalde manier wel onprettig. Later verplaatste ik me dan ook naar de altpartij.

 

Photo: Matevž Čebašek

 

‘Dans is voor mij een hele krachtige expressie van mijn onderbewuste binnenwereld’

 

Mijn passie voor dansen kwam eigenlijk al vrij vroeg. Als kind was ik erg fysiek expressief. Ik danste altijd op muziek. Mijn ouders merkten dat op en zetten mij op dansen. Dat bleek een hele goeie uitlaatklep te zijn voor al mijn energie. Later heb ik meegedaan met een paar producties van DDD (de Dutch Don’t Dance Division). Dat was mijn eerste ervaring met professioneel dansen. Toen heb ik ervaren dat de danswereld echt een pittig danswereldje is. Dans is een uitlaatklep voor alle frustraties, boosheid, oncomfortabele gevoelens, etc etc. Dans is voor mij een hele krachtige expressie van mijn onderbewuste binnenwereld. Ik denk niet na over bewegingen, de muziek laat het naar buiten komen. 

 

Derealisatie 

Als ik nu soms in de spiegel kijk, heb ik soms een derealisatie: iets klopt niet. In mijn hoofd ben ik heel anders, maar dan laat de spiegel me toch iets anders zien. Wat ik zie in de spiegel past niet bij de persoon die ik vanbinnen ben. Dat is soms best confronterend. Je denkt aan de ene kant dit ben ik, dat is de harde realiteit. Maar aan de andere kant denk je ook weer ben ik dit echt? Als ik dans ben ik daar niet mee bezig. Ik ben gewoon. In dans ben ik ik, maar ook weer niemand. Het maakt dan even niet uit of ik man of vrouw ben. Met muziek kom je gewoon even uit je lichaam, maar je wordt ook weer één met de dans. Je zit in een soort trans.

 

Projecten

Zo nu en dan ben ik bezig met projecten bij het theater Korzo in Den Haag. Laatst hadden we de dansvoorstelling Flows of Freedom afgesloten. Op dit moment heb ik geen lopende projecten bij Korzo. Ik ben druk bezig met mijn opleiding vaktherapie spraak en drama en mijn eigen project samen met mijn beste vriendin, waarmee ik al mijn hele leven samen dans. We maken samen een dansstuk. We hebben zo’n passie voor dans, voor het samen creëren. Als we samen aan het dansen zijn dan merken we dat bepaalde dingen makkelijk samen vallen. Die chemie die we hebben in het dagelijks leven, zie je ook terug in de dans. Het stuk gaat over onze vriendschap. We hadden eerst het idee om het over onze individuele relatie tot elkaar te hebben, maar we hebben het nu iets breder getrokken, want het is natuurlijk heel persoonlijk en we willen het ook toegankelijker maken voor de rest. Het stuk willen we Contactpunt noemen. Het gaat in principe over een relatie. Wat houdt een relatie in? Door welke diepe dalen ga je samen? Door welke euforische momenten ga je samen? We willen dat dus allemaal laten zien door middel van dans.

 

 

Photo: Sydney Joan 

‘Ik hou van dans als een kunstvorm, omdat het lichaam centraal staat en het menselijk lichaam prachtig is. Het is kunst’